Je staat op het strand bij Katwijk met een 9 en een 12 in de auto. De windmeter zegt 17 knopen, de vlaggen staan strak, en je weet het niet. Pak je de 9, dan sta je misschien een uur te wachten op wind die niet komt. Pak je de 12, dan sta je bij de eerste vlaag met je hakken in het zand te remmen.
Een maattabel helpt daar maar half. Je gewicht en de wind geven een startpunt. Het model, je board, je niveau en zelfs de temperatuur schuiven dat startpunt een maat op of neer. Hieronder staat hoe dat werkt, en welke twee maten je samen koopt.
Waarom één knoop meer zoveel uitmaakt
De kracht van een kite groeit met het kwadraat van de windsnelheid. Dat is dezelfde natuurkunde als bij een zeil of een wing. Het verschil is dat er bij een kite zo'n 22 meter lijn tussen jou en het doek zit, en dat je hem niet even kunt wegdraaien.
Reken het na. Van 15 naar 20 knopen is een derde meer wind, maar 20 gedeeld door 15, in het kwadraat, is 1,78. Bij dezelfde maat trekt de kite dus bijna 80 procent harder. Daarom voelt een kite die om 14.00 uur precies goed was, om 16.00 uur ineens te groot.
Temperatuur telt ook mee. Bij 0 graden weegt een kuub lucht ongeveer 1,29 kilo, bij 25 graden 1,18. Dat is ruim 9 procent meer trek bij dezelfde windsnelheid. In november voelt 16 knopen zo als bijna 17 in juli.
Het windbereik dat een merk per maat opgeeft is breed, omdat je met bar en trimlijn een flink deel van de kracht weghaalt. Het deel waarin je ontspannen ingehaakt vaart, is een stuk smaller.
Het startpunt: je gewicht en de wind
Een veelgebruikte rekenregel in de kitesport is gewicht in kilo's maal 2,2, gedeeld door de windsnelheid in knopen. Voor 80 kilo bij 15 knopen is dat 11,7, dus een 12. Bij 20 knopen is het 8,8, dus een 9. De tabel hieronder is met die regel berekend en afgerond op maten die je in de winkel tegenkomt.
| Gewicht | 12-15 kn | 15-18 kn | 18-22 kn | 22-27 kn | 27-32 kn |
|---|---|---|---|---|---|
| 60 kg | 9-11 m² | 7-9 m² | 6-7 m² | 5-6 m² | 4-5 m² |
| 70 kg | 10-13 m² | 9-10 m² | 7-9 m² | 6-7 m² | 5-6 m² |
| 80 kg | 12-14 m² | 10-12 m² | 8-10 m² | 7-8 m² | 6 m² |
| 90 kg | 13-16 m² | 11-13 m² | 9-11 m² | 7-9 m² | 6-7 m² |
| 100 kg | 15-18 m² | 12-14 m² | 10-12 m² | 8-10 m² | 7-8 m² |
Richtwaarden, geen fabrieksopgave. Berekend met gewicht × 2,2 ÷ knopen voor een allround tube kite met een twintip. Het windbereik dat het merk per model en per maat opgeeft gaat altijd voor. Lichte of beginnende rider: kies de onderkant van het vak.
Vanaf dat startpunt schuif je. Vaar je een groot directional of een foil, dan heb je minder kite nodig: Naish heeft de kleine maten van de Boxer speciaal op kitefoilen afgestemd. Vaar je op een vlagerige dag, neem dan de kleinste maat die je vooruit trekt, want de vlaag bepaalt of je de kite nog de baas bent. Bij koude lucht in het voor- en najaar mag het ook een tikje kleiner.
Waarom een 9 van het ene model geen 9 van het andere is
Het getal op de kite is het platte oppervlak: het doek uitgespreid op de grond. In de lucht staat het in een boog, en wat de wind ziet is het geprojecteerde oppervlak. Hoe dieper de boog, hoe kleiner dat deel. Twee kites van 9 m² kunnen daardoor een ander windbereik hebben, ook als de maat op de tip hetzelfde is.
De bouw doet de rest. Een North Reach heeft drie struts en een middelhoge aspect ratio. Een North Orbit Ultra heeft er vijf, een hogere aspect ratio en is gebouwd voor big air. Een Naish Boxer heeft één strut en is gemaakt om zoveel mogelijk uit weinig wind te halen. Zelfde vierkante meters, drie verschillende karakters.
Vergelijk dus windbereik binnen een model, en niet maten tussen merken. Naish zet bij de Pivot en de Boxer per maat het windbereik in knopen in de maattabel.
Twee maten, en hoeveel ertussen
Met één kite kom je een eind, maar niet door een heel Nederlands seizoen. Twee maten dekken samen veel meer dagen, zolang hun windbereik op elkaar aansluit zonder dat ze hetzelfde doen.
Het gaat om de verhouding, niet om het verschil in meters. Voor 80 kilo geeft de rekenregel een 12 bij 15 knopen en een 9 bij 20. De grote is zo'n 30 procent groter dan de kleine. Diezelfde verhouding geeft bij lichte riders een 7 en een 9, en bij zware riders een 10 en een 13. Een 9 en een 10 naast elkaar is dus vooral dubbel geld voor bijna dezelfde dag.
Koop eerst de maat die bij jouw gewicht bij 15 tot 20 knopen hoort. De tweede koop je als je weet welke dagen je mist: aan de onderkant, of juist als het stormt. Hoe die volgorde in de rest van je set past, staat in een complete kiteset kopen.
Allround · 5 tot 19 m²
North Reach
Drie struts en twaalf maten. Je bouwt je set van twee binnen één model, dus met hetzelfde gevoel aan de bar.
vanaf € 1.499
Allround · 6 tot 14 m²
Naish Pivot
Vergevingsgezind doek, power die gelijkmatig opkomt. Met de Bridle Adjustment Setting stem je hem af op de wind.
vanaf € 1.199
Lichte wind en foil · 2,8 tot 16 m²
Naish Boxer Q
Één strut, gebouwd voor de dagen waarop de wind niet meewerkt. Een alternatief voor een derde, nog grotere tube kite.
vanaf € 1.049
Wingfoil je ook? Dezelfde afweging voor wings, met gewicht, spot en niveau, staat in wingmaat kiezen. Wat je bar met je windbereik doet, lees je in je bar en je quick release.
Tussen twee maten? Reken het met ons door in Valkenburg.
Geef je gewicht, je board en je thuisspot door, en welke kite je al hebt. Dan kijken we in de maattabel van het model welke maat erbij aansluit, en of je die tweede kite nu al nodig hebt.
Veelgestelde vragen
Welke kitemaat heb ik nodig bij 80 kilo?
Reken met je gewicht maal 2,2, gedeeld door de windsnelheid in knopen. Bij 80 kilo kom je bij 15 knopen op ongeveer 12 m² en bij 20 knopen op ongeveer 9 m². Dat is een startpunt voor een allround kite met een twintip. Het windbereik in de maattabel van het model gaat voor.
Hoeveel kites heb ik nodig?
Om te beginnen één, op termijn twee. Kies die twee op verhouding: de grote ongeveer 30 procent groter dan de kleine, zoals een 9 en een 12 of een 7 en een 9. Twee maten die maar één vierkante meter verschillen dekken bijna dezelfde wind.
Is een grotere kite makkelijker om mee te leren?
Nee. Een grote kite trekt harder in een vlaag en draait trager door het windvenster, zodat je minder snel kunt corrigeren. Leer op een maat aan de onderkant van je bereik en laat je school bepalen bij welke wind je het water op gaat.
Waarom heeft een 9 van het ene merk een ander windbereik dan een 9 van het andere?
De maat op de kite is het platte oppervlak. In de lucht staat het doek in een boog, en het deel dat de wind vangt hangt af van hoe diep die boog is. Aspect ratio, het aantal struts en het profiel doen de rest. Vergelijk daarom het windbereik per model, niet de vierkante meters.
Verder kijken
Geschreven door Jip. Hij is constructeur en geeft sinds 2011 les aan het Valkenburgse Meer in wingfoilen, windsurfen en suppen. Een kite bekijkt hij zoals elk ander doek: waar komt de kracht vandaan, en waarom.
